Samen werken, voor een psychisch gezonde jeugd

Zoeken
Generic filters
Exact matches only
Filter by Custom Post Type

Meestgezocht: ADHDAutismeBijwerkingenSertralineVluchtelingenkinderen

Jeugd-ggz voor slachtoffers van loverboys

Hieronder vindt u informatie over de achtergrond en aanpak van loverboy-problematiek en leert u wat professionals in de jeugdzorg, jeugd-lvb-zorg, jeugd-gzz en het sociaal domein kunnen doen: preventie, signalering, melding, ketensamenwerking en opvang en behandeling.

Beschrijving

Een vorm van mensenhandel

Loverboys maken zich schuldig aan seksuele uitbuiting, een ernstige vorm van mensenhandel. Een mensenhandelaar zoekt gericht naar jongeren die kwetsbaar zijn, zoals jongeren met een LVB en psychische problemen. Slachtoffers van loverboys worden emotioneel afhankelijk gemaakt en vervolgens seksueel uitgebuit of gedwongen tot andere illegale activiteiten. Deze vorm van mensenhandel heeft grote gevolgen voor de (psychische en sociale) ontwikkeling van slachtoffers.

Zowel meisjes als jongens kunnen in handen vallen van een loverboy. Meisjes worden vaker slachtoffer van seksuele uitbuiting dan jongens. Over het algemeen zijn daders mannen en jongens, maar ook vrouwen en meisjes kunnen anderen seksueel uitbuiten. Ook geldt dat 'daders' op hun beurt gedwongen kunnen worden tot deze vorm van seksuele uitbuiting.

Lees hier meer over de achtergrond van loverboyproblematiek en leer wat u als professional binnen de jeugdzorg, jeugd-lvb-zorg, jeugd-gzz en het sociaal domein kunt doen met betrekking tot preventie, signalering, melding, ketensamenwerking en opvang en behandeling.

Kwetsbare doelgroepen: jongeren met een LVB of traumagerelateerde problemen

Een mensenhandelaar weet precies op welke signalen hij moet letten bij het ronselen van jongeren voor seksuele uitbuiting. Hij is goed in een snelle screening, waarbij hij vooral op drie dingen let:

  • Is de jongere gepest?
  • Is de jongere (seksueel) misbruikt?
  • Gelooft de jongere gemakkelijk wat ik zeg?

De mensenhandelaar zoekt gericht naar jongeren die kwetsbaar zijn op deze drie punten. Hij speelt in op gevoelens van sociale afwijzing onder jongeren en op een ervaren gebrek aan liefde en aandacht. Hij maakt gebruik van opgedane kwetsbaarheid vanwege eerder meegemaakt (seksueel) misbruik en van een beperkt vermogen om de situatie goed in te schatten en 'nee' te kunnen zeggen.

Jongeren met een licht verstandelijke beperking (LVB) en psychische problemen hebben meer moeite met het inschatten van een dergelijke situatie. Zij zijn kwetsbaarder door beperkingen in het denkvermogen en sociale vaardigheden of door traumatische ervaringen of een psychische stoornis. Het sociaal-emotioneel ontwikkelingsniveau van jongeren met een LVB ligt vaak lager dan op basis van hun IQ-score of op basis van hun niveau van praktische vaardigheden verwacht mag worden.

Slachtoffers van mensenhandel en seksuele uitbuiting zijn vaak (maar niet altijd) van jongs af aan geconfronteerd met (potentieel) traumatische gebeurtenissen zoals misbruik, mishandeling en verwaarlozing. Als gevolg van de meegemaakte traumatische gebeurtenissen ontwikkelen veel van deze jongeren een negatief zelfbeeld, hechtingsproblemen, traumagerelateerde klachten en/of faalervaringen op school en in contact met leeftijdgenootjes. Zij hebben het gevoel nergens bij te horen. Het maakt hen kwetsbaar voor allerlei vormen van geweld en uitbuiting, waaronder seksuele uitbuiting.

Eerder slachtofferschap van (seksueel) geweld of misbruik, mishandeling en verwaarlozing in de kindertijd vergroot de kans op (herhaald) slachtofferschap. Zeker als de jongere last heeft van (onbehandelde) posttraumatische stressklachten vergroot dit de kans op (herhaald) slachtofferschap.

Het Centrum Seksueel Geweld maakte een factsheet over seksueel geweld en de mogelijke gevolgen daarvan.

Aanpak mensenhandel- en loverboyproblematiek LVB en ggz

Over het project: meisjes en jongens met een licht verstandelijke beperking (LVB) en/of psychische problemen zijn extra kwetsbaar om slachtoffer te worden van mensenhandel. Met deze stelling begonnen het Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie en Landelijk Kenniscentrum LVB, in nauwe samenwerking met de VGN, GGZ Nederland, Jeugdzorg Nederland en de VOBC in augustus 2016 het project 'Aanpak mensenhandel/loverboyproblematiek LVB en GGZ'.

Het project bouwt voort op het actieplan 'Hun verleden is niet hun toekomst' (commissie Azough, 2014-2015). In opdracht van de commissie Azough ontwikkelde het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) in 2015 handreikingen voor professionals werkzaam in de zorg voor jeugd.

De handreikingen hebben vanuit de huidige stuurgroep onder leiding van Azough, in samenwerking met het NJi, ervaringsdeskundige jongeren en bijna 80 hulpverleners, een update gekregen zodat ze geschikt zijn voor hulpverleners die werken in het sociale domein, de jeugd-ggz en de LVB-sector.

Herziene handreikingen voor het voorkomen, signaleren en melden van problemen met loverboys (website NJi)

Conferentie mensenhandel- en loverboyproblematiek

"Laten we niet naïef zijn" benadrukte staatssecretaris Martin van Rijn bij het in ontvangst nemen van de tien aanbevelingen van de commissie 'Aanpak minderjarige slachtoffers mensenhandel/loverboys met een licht verstandelijke beperking (LVB) of psychische problematiek (GGZ)'. Er zijn nog steeds kwetsbare jongeren die 'tussen de kieren van onze aanpak glippen'.

Het Landelijk Kenniscentrum LVB en het Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie zijn, in nauwe samenwerking met de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland, GGZ Nederland, Jeugdzorg Nederland en de Vereniging Orthopedagogische Behandelcentra (VOBC) in augustus het project 'Aanpak minderjarige slachtoffers mensenhandel/loverboyproblematiek LVB/GGZ' gestart. Dit project is een vervolg op eerder onderzoek en aanbevelingen van de commissie Azough 'Hun verleden is niet hun toekomst'. Op 16 februari werden in Utrecht tijdens een goed bezochte conferentie de aanbevelingen gepresenteerd.

De conferentie begon met indrukwekkende verhalen van ervaringsdeskundigen Angela en Hajar. Zij pleitten naast de tien aanbevelingen voor het inzetten van ervaringsdeskundigheid bij voorlichting en preventie. Nationaal rapporteur mensenhandel Corinne Dettmeijer refereerde aan het verhaal van Loes, een meisje met een verstandelijke beperking die slachtoffer werd van mensenhandel en aan het woord kwam in de uitzending van 'Dit is de dag' van oktober 2015. Mensenhandelaren herkennen de kwetsbaarheid van meisjes en jongens vaak eerder dan professionals. Corinne Dettmeijer pleit voor meer voorlichting en het voorkomen van slachtofferschap, het beter signaleren van potentiële slachtoffers en goede opvang en hulpverlening en het voorkomen van revictimisatie.

De aanbevelingen werden aangeboden door leden van de stuurgroep. VGN bestuurder Gertrude van den Brink benadrukte daarbij dat taal vaak belangrijk is in het contact met mensen met een beperking: de vraag of een patiënte contacten heeft via internet werd met 'nee' beantwoord. Maar ze bleek wel contacten te hebben via Facebook...

Andere aanbevelingen werden aangeboden door José Schilderinck, bestuurder van Ambiq en VOBC en directeur VOBC / Landelijk Kenniscentrum LVB Dirk Verstegen; aanbevelingen gericht op de professionals in de zorg, een veiligheidsplan voor elke jongere, samenwerking met politie en justitie, samenwerking met onderwijs en in het bijzonder de gemeenten. Stuurgroeplid Mariëlle Ploumen, directeur behandelzaken bij Reinier Van Arkel, benadrukte in gesprek met de staatssecretaris het belang van het blijvend bespreekbaar maken van seksualiteit. Dat is spannend maar noodzakelijk.

Aanpak mensenhandel- en loverboyproblematiek binnen gemeenten en wijkteams

Uit meerdere onderzoeken en casuïstiek blijkt dat mensenhandel en loverproblematiek zich niet beperkt tot de randstad of (middel)grote steden. In opdracht van het ministerie van VWS en de Vereniging van Nederlandse gemeenten (VNG) voerde het NJi een ontwikkeltraject uit waarin zij is nagegaan hoe gemeenten de aanpak voor deze slachtoffers hebben georganiseerd en in hun beleid hebben geborgd. Het NJi bekeek wat de rol van wijkteams is en wat er nodig is om de aanpak verder vorm te geven. Gelijktijdig met de aanpak mensenhandel/loverboyproblematiek LVB en GGZ paste het NJi op basis van de uitkomsten de handreikingen van de commissie Azough aan. Ook is in het dossier van het NJi specifieke aandacht voor de aanpak voor gemeenten. Het project werd in april 2017 afgerond.

Informatie voor slachtoffers en ouders

De adviezen en hulpmiddelen op deze pagina's zijn bedoeld voor zorgprofessionals. Ben je zelf (mogelijk) slachtoffer van een loverboy? Of de ouder of een bekende van een (mogelijk) slachtoffer? En wil je hulp of advies? Kijk op slachtofferwijzer.nl of neem contact op met een van de volgende organisaties:

In een aantal regio's zijn regionale meldpunten loverboyproblematiek. Neem hiervoor contact op met Veilig Thuis: 0800 - 2000.

Lees meer over de werkwijze van mensenhandelaren/ loverboys en het risicoprofiel van slachtoffers op de website van het NJi. Je vindt daar ook informatie over de gehanteerde definitie en de cijfers.

Terug naar boven

Preventie

Preventie is een belangrijke pijler in de aanpak van mensenhandel/loverboyproblematiek onder jongeren met een LVB en psychische problematiek. De mensenhandelproblematiek kan worden benaderd via thema's als weerbaarheid, media, normen en waarden in relaties en seksualiteit. Het preventiepakket moet aansluiten bij de doelgroep en actuele ontwikkelingen (denk aan internet en social media). Het geven van voorlichting en uitvoeren van preventieprogramma's heeft bij voorkeur een structurele plek in het reguliere lesaanbod op scholen, startend in het primair onderwijs. Er zijn verschillende partijen die trainingen en voorlichting aanbieden.

Preventiemateriaal

Er zijn in de laatste jaren veel preventieproducten ontwikkeld. Het Ministerie van Veiligheid en Justitie maakte daarom, in samenwerking met het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, een praktische en overzichtelijke digitale folder. In deze interactieve folder kan voor verschillende groepen potentiële slachtoffers gezocht worden naar geschikt preventiemateriaal: jongeren in het basisonderwijs, jongeren vanaf 12 jaar, jongeren met een lichtverstandelijke beperking, in de GGZ of het speciaal onderwijs en jongeren met een andere culturele achtergrond. Daarnaast kan gezocht worden naar materiaal dat bedoeld is voor ouders of voor professionals.

Folder Preventiemateriaal mensenhandel/loverboy-problematiek

Voorlichting over seks en sociale media

Praten met jongeren over seks en over nare seksuele ervaringen (off- en online) is niet gemakkelijk maar zeer belangrijk. Beperkte seksuele weerbaarheid, meegemaakt seksueel misbruik en onbehandelde posttraumatische stressklachten maken kwetsbaar voor (herhaalde) seksuele uitbuiting. De mensenhandelaar zoekt gericht naar jongeren die kwetsbaar zijn op deze punten.

Net als in face to face contact gebruiken jongeren sociale media om te experimenteren met seks en seksueel gedrag. Sociale media lenen zich bovendien goed voor het ongezien ronselen en inpalmen ('grooming') van jongeren met als uiteindelijke doel seksuele uitbuiting.

Vraag daarom of jongeren iets naars hebben meegemaakt (online en offline). Wanneer er sprake is van een LVB is je woordkeuze erg belangrijk. Het helpt om zo concreet mogelijk te zijn.

Begin met te vragen aan jongeren hoe hun dag op internet was. Meer tips vind je in de folder 'Hoe was jouw dag op internet?'

Meer lezen over sociale media en mediawijsheid
  • Baas, N. (2015). Samen de online wereld verkennen. Huizen: Uitgeverij Pica.
  • Delfos, M. (2013). In 80 dagen de virtuele wereld rond. Amsterdam: SWP.
  • Hop, L., & Delver, B. (2013). De WIFI-generatie de jeugd op het mobiele internet: Vliegensvlug en
  • Vogelvrij. Amsterdam: Nationale Academie voor Media en Maatschappij.
  • Valkenburg, P. (2014) Schermgaande jeugd: Over jeugd en media. Amsterdam: Prometheus.
  • Walrave, M., & Ouytsel, J. van (2014) Mediawijs Online : Jongeren en sociale media. Tielt: Lannoo Campus.
Vlaggensysteem en Buiten de lijnen

'Buiten de lijnen' is een pedagogische interventie die professionals helpt om te reageren op seksueel (grensoverschrijdend) gedrag bij minderjarigen met een beperking of jongeren met een seksueel trauma. 'Buiten de lijnen' past de methodiek van het Vlaggensysteem toe die intussen veelvuldig gebruikt wordt binnen de jeugdzorg en de gehandicaptenzorg. Ontwikkelingsaspecten als 'gender' en 'cultuur' hebben veel invloed op de seksuele ontwikkeling van kinderen en op de houding van professionals en krijgen daarom veel aandacht in het handboek.

Kijk op de website van het Nederlands Jeugdinstituut voor aandachtspunten bij melden met betrekking tot gemeenten en wijkteams.

Terug naar boven

Vaststellen

Wanneer is iemand slachtoffer?

Het is vaak niet eenvoudig om vast te stellen of iemand slachtoffer is van een mensenhandelaar/ loverboy. Mensenhandel en seksuele uitbuiting bevindt zich in een grijs gebied met seksueel grensoverschrijdend gedrag, relatieverslaving en 'foute vriendjes'. Jongeren voelen zich niet altijd slachtoffer. Dat maakt het signaleren lastig.

Kwetsbare jongeren

De mensenhandelaar zoekt gericht naar jongeren die kwetsbaar zijn. Jongeren met een LVB lopen minimaal vier keer meer kans op het meemaken van seksueel geweld dan anderen. Ook maken zij meer ernstige en herhalende vormen van seksueel misbruik mee. Bovendien lopen zij, onder andere door toedoen van beperkte cognitieve en adaptieve vaardigheden, een verhoogde kans op het ontwikkelen van een PTSS na een potentieel traumatische gebeurtenis. In de praktijk zien we dat jongeren met een LVB en vroegkinderlijke traumatische ervaringen en (onbehandeld) seksueel trauma een aanzienlijke kans lopen om (meermaals of chronisch) in de greep van een mensenhandelaar te komen.

Stappenplan signaleren

Een praktisch hulpmiddel is het stappenplan voor signaleren. Hierin staat stap-voor-stap omschreven wat u als hulpverlener kunt doen bij vermoedens van loverboyproblematiek. Ook staan er tips voor screening en aandachtspunten voor gespreksvoering. De stappen in het stappenplan geven houvast bij het aanpakken van mensenhandel-/loverboyproblematiek. Het stappenplan voor signaleren is specifiek gericht op meisjes; zij vormen verreweg de grootste groep slachtoffers. Er is meer onderzoek nodig naar risicofactoren en signalen van slachtofferschap onder jongens om specifieke stappen voor jongens te kunnen formuleren.

Een stapsgewijze aanpak van complexe problematiek

De stappen in het stappenplan geven houvast bij het aanpakken van mensenhandel/loverboyproblematiek. De context waarbinnen deze problematiek aangepakt wordt, is veelal complex en dat komt niet altijd volledig tot uiting in de beschrijving van de stappen. De volgende punten dragen bij aan een meer volledig beeld van de problematiek:

  • Praat met elke jongere over seks en eventuele nare ervaringen op dit gebied. In de praktijk doet een jongere een onthulling over seksuele uitbuiting meestal niet tijdens een gepland gesprek maar eerder spontaan, op een moment dat de jongere zelf uitkiest. Weet wat je kunt doen als je in vertrouwen genomen wordt. Ben beschikbaar voor de jongere, oordeel niet en biedt waar nodig veiligheid.
  • Slachtofferschap van mensenhandel/ loverboys is in veel gevallen (maar niet altijd) een aan de leeftijdsfase gerelateerde uitingsvorm van structureel misbruik door anderen. Er is vaak sprake van onderliggende trauma’s vanuit vroege jeugdjaren. Mensenhandelaren/ loverboys spelen bovendien in op mogelijk beperkte vermogens bij potentiële slachtoffers om een situatie goed in te schatten en ‘nee’ te zeggen. Meisjes met een (seksueel) trauma of een LVB lopen dus extra risico om slachtoffer te worden van mensenhandel/loverboys.
  • Het komt regelmatig voor dat meisjes en ouders de problematiek anders zien dan professionals. Zo voelen meisjes zich niet altijd het slachtoffer van een mensenhandelaar/loverboy. Ze zien deze jongen als hun (ex)vriend, voelen zich sterk loyaal aan hem en ervaren rouw wanneer zij los van hem komen.
  • Slachtoffers kunnen ook anderen seksueel uitbuiten. Zij kunnen daartoe gedwongen worden. Jongeren die anderen ronselen in opdracht van een mensenhandelaar kunnen eveneens een kwetsbaar verleden hebben, waaronder meegemaakt seksueel misbruik.
  • Realiseer je dat er bij succesvolle signalering en aanpak van mensenhandel/ loverboyproblematiek intersectoraal en multidisciplinair moet worden samengewerkt. Professionals vanuit politie, het medisch circuit, jeugd-GGZ, jeugd-LVB en professionals uit het onderwijs zullen onderdeel moeten uitmaken van de aanpak.

Download het Stappenplan voor professionals: 'Hoe signaleer je slachtoffers?'

Risicotaxatie-instrument

Onderdeel van het stappenplan is een risicotaxatie-instrument , zoals het Risicotaxatie-instrument Seksueel Grensoverschrijdend Gedrag (RIS-L). Dit instrument is momenteel alleen beschikbaar in de beveiligde omgeving van Jeugdzorg Nederland en van de werkgroep 'Aanpak meisjesslachtoffers van loverboys/mensenhandel in de zorg voor jeugd' op Kennisnet Jeugd. Er wordt gewerkt aan het (beveiligd) beschikbaar stellen van het RiS-l voor professionals uit andere branches dan Jeugdzorg Nederland.

Lees op de website van het Nederlands Jeugdinstituut ook meer over de werkwijze van loverboys en het risicoprofiel van slachtoffers. Vermoedt u dat iemand slachtoffer is van een loverboy of mensenhandelaar? Lees dan wat u kunt doen op het gebied van melding en registratie.

Kijk op de website van het Nederlands Jeugdinstituut voor aandachtspunten bij melden met betrekking tot gemeenten en wijkteams.

Terug naar boven

Verwijzen

  Wanneer signalen van mensenhandel/ loverboyproblematiek herkend worden, is het belangrijk dat deze vervolgens op een goede plek terecht komen en dat er actie wordt ondernomen. Samenwerking in de keten is hiervoor essentieel. Diverse organisatie en instanties kunnen en moeten betrokken zijn in de aanpak van deze problematiek.

Melden van signalen

Er zijn verschillende mogelijkheden bekend om lokaal en landelijk vermoedens en signalen te melden en te bespreken. Omstanders (bijvoorbeeld vrienden, ouders en ook horeca), professionals uit onderwijs, jeugdhulp, jongerenwerk en andere sectoren kunnen bij deze meldpunten terecht met vragen en signalen. Omdat seksueel geweld en exploitatie van minderjarigen vormen zijn van kindermishandeling horen professionals die met jeugdigen werken stappen te ondernemen conform de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Bij sommige meldpunten kunnen ook signalen van daders worden gemeld.
  • Regionaal meldpunt (bijvoorbeeld Twente en Limburg, het meldpunt onderzoekt, verifieert, stelt vast, classificeert en koppelt terug)
  • Veilig Thuis (regionaal)
  • Watch Nederland (landelijk)
  • Zorgtafel, overlegtafel etc (al dan niet voor mensenhandel of specifiek loverboys). Hier zitten meerdere organisaties bij elkaar aan tafel, waarbij afspraken zijn vastgelegd in een convenant
  • Zorg coördinator mensenhandel (meestal belegd bij één organisatie in de regio).
  • CoMensha (coördineert de hulp aan meerderjarige slachtoffers, maar biedt ook advies over minderjarigen)
  • Meld misdaad anoniem(landelijk en anoniem)
  • Centrum voor Seksueel Geweld (regionaal)

Samenwerken tussen jeugdprofessionals en politie/justitie

De politie, het OM en het medische circuit werken ook aan de aanpak van mensenhandel. Het helpt wanneer hulpverleners structureel in overleg zijn met professionals uit deze werkvelden en wanneer men elkaar en elkaars werkwijze kent. Op de website van het Centrum voor Criminaliteit en Veiligheid (CCV) staat uitgebreide informatie over de samenwerking met politie en justitie. Een goede samenwerking kan de veiligheid van slachtoffers versterken en is cruciaal bij een vermissing van een jeugdige uit een instelling. In de handreiking voor zorgprofessionals staan tips voor een goede samenwerking met politie en OM in de regio. De handreiking biedt aandachtspunten voor het opbouwen van contact en vertrouwen en het samen in kaart brengen van het netwerk van een slachtoffer. Daarnaast gaat de handreiking in op situaties als de vermissing van een slachtoffer en agressie of onveiligheid binnen de hulp. Handreiking 'Hoe zorg je voor goede samenwerking met politie en justitie?'

Speciale teams in de politieketen mensenhandel

Neem in het geval van (vermoedens van) seksuele uitbuiting en mensenhandel contact op met de politie (in jouw regio). Zoek contact met de wijkagent en de specialist mensenhandel/ de mensenhandel rechercheur. Twee teams houden zich specifiek bezig met mensenhandel.
  • AVIM: Bij de afdeling Vreemdelingenpolitie, Identificatie en Mensenhandel (AVIM), team Migratiecriminaliteit en Mensenhandel werken mensenhandel gecertificeerde medewerkers en rechercheurs.
  • EMM: Het Expertisecentrum Mensenhandel en Mensensmokkel (EMM) is een tactisch samenwerkingsverband van de Immigratie- en Naturalisatie Dienst (IND), Inspectie Sociale zaken en werkgelegenheid (ISZW), Koninklijke Marechaussee (Kmar) en de Nationale Politie. Het doel van het EMM is het uitwisselen en coördineren van informatie en expertise, zowel nationaal als internationaal en het genereren van een gezamenlijk actueel (inter-)nationaal beeld over aard, ernst en omvang van mensenhandel & mensensmokkel. Sinds de reorganisatie van de politie onderzoekt het EMM hoe zij in de politieketen verbeteringen kunnen aanbrengen ten aanzien van de aanpak van mensenhandel.

Aangifte doen?

Niet alle slachtoffers willen aangifte doen, vanwege angst voor of loyaliteit aan de dader. Aangifte doen is ook niet in alle gevallen gewenst of nodig. Meer informatie in de Handreiking 'Hoe zorg je voor goede samenwerking met politie en justitie?'

Zorgdragen voor een authentieke verklaring

Wanneer het slachtoffer (mogelijk) aangifte gaat doen, wees je er dan van bewust dat je vanuit je hulpverlenersrol de waarneming en beleving van het meisje met betrekking tot de gebeurtenis(sen) kan beïnvloeden. Dit heeft, los van de therapeutische waarde, als risico dat een eventuele aangifte minder waardevol kan zijn. Zorg er daarom voor dat je, voorafgaand aan een voorgenomen aangifte bij de politie, het slachtoffer niet te veel bevraagt over het mogelijke strafbare feit. Het is voor de opsporing van cruciaal belang dat de verklaring van de betrokkene authentiek kan worden opgenomen door de politie, waarbij beïnvloeding van de verklaring door ouders, hulpverlening en/of betrokkenen beperkt blijft.

Forensisch medisch onderzoek

Het is belangrijk dat er zo snel mogelijk na seksueel geweld medische en psychologische hulp wordt geboden via het Centrum Seksueel Geweld. Forensisch medisch onderzoek maakt daar onderdeel van uit. Voor het uitvoeren van een Forensisch Medisch Onderzoek (FMO) bij kindermishandeling of seksueel kindermisbruik is het van belang dat de juiste forensisch medische expertise wordt ingezet. De kwaliteitscriteria Forensisch Medisch Onderzoek en de Werkinstructie Forensisch Medisch Onderzoek maken onderdeel uit van de werkwijze. Kijk op de website van het Nederlands Jeugdinstituut voor aandachtspunten bij melden met betrekking tot gemeenten en wijkteams.
Terug naar boven

Registreren

Het is belangrijk dat alle slachtoffers (ook vermoedelijke) van loverboys gemeld en geregistreerd worden bij CoMensha. Comensha is het landelijke Coördinatiecentrum Mensenhandel in Nederland. Registratie laat zien hoe veel slachtoffers er zijn en hoe zij tot slachtoffer gemaakt worden. Dit is belangrijk om het probleem in beeld te brengen, lokaal en landelijk. Zo kunnen slachtoffers en daders eerder herkend worden en kan de hulp aan slachtoffers worden verbeterd. Ook de publieke opinie en politieke agenda vragen om een helder beeld van dit type criminaliteit.

Comensha

CoMensha faciliteert in verschillende regionale en multidisciplinaire overlegvormen met betrekking tot mensenhandel/loverboyproblematiek. Zie het overzicht voor de overlegvormen in jouw regio.

Wat kun je als professional doen?

Professionals spelen een belangrijke rol in het melden van slachtoffers. Heeft u te maken met iemand die slachtoffer is van loverboys? Lees dan in de handreiking hoe u een vermoedelijk slachtoffer van een loverboy kunt melden bij CoMensha. U leest wat een melding inhoudt en hoe het zit met het krijgen van toestemming van de ouders en het slachtoffer. Bij melding is een schriftelijke toestemmingsverklaring nodig. Slachtoffers ouder dan 16 jaar vullen deze zelf in. Bij slachtoffers jonger dan 16 jaar wordt de verklaring ingevuld door de ouders of voogd van het slachtoffer. Om ouders en jeugdigen te informeren over wat een melding bij CoMensha inhoudt zin twee folders gemaakt.

Downloads

Kijk op de website van het Nederlands Jeugdinstituut voor aandachtspunten bij melden met betrekking tot gemeenten en wijkteams.
Terug naar boven

Behandelen

Slachtoffers van loverboys/mensenhandel moeten de juiste hulp krijgen. Vaak zijn ze getraumatiseerd en hebben allereerst medische hulp en een veilige omgeving nodig. In de periode daarna worden slachtoffers stap-voor-stap weer voorbereid en begeleid bij het oppakken van hun gewone leven. Behandeling is er ook op gericht te voorkomen dat meisjes opnieuw slachtoffer van een mensenhandelaar worden.

Gespecialiseerde hulp

Niet elke organisatie kan slachtoffers van loverboys opvangen. Vaak is er sprake van complexe problematiek, die vraagt om gespecialiseerde hulp. Er zijn verschillende voorwaarden verbonden aan het bieden van hulp aan slachtoffers van mensenhandel. De Inspectie Jeugdzorg controleert of instellingen bevoegd zijn om loverboyslachtoffers hulp te bieden.

Er zijn diverse jeugdhulporganisaties die gespecialiseerde hulp bieden.

Het zorgprogramma Asja van Fier is een sterk gestructureerd 7x24 uursprogramma voor meisjes van 12 tot 23 jaar die via loverboys in de prostitutie terecht zijn gekomen of die het risico lopen daarin te belanden. Deze interventie is opgenomen in de Databank effectieve jeugdinterventies als 'goed onderbouwd'. Andere beschrijvingen van interventies, zoals Fides van de Rading en Roffa van Horizon, zijn op dit moment in ontwikkeling.

Kernelementen effectieve opvang en behandeling

Wat de meest effectieve opvang- en behandelmethode is, is niet eenduidig te zeggen. Er wordt nog veel onderzoek gedaan naar de effectiviteit van behandelingen. Een belangrijke leidraad op dit moment is het advies van de Commissie Azough. De commissie heeft een aantal kernelementen geformuleerd die cruciaal zijn voor de opvang en behandeling van slachtoffers van mensenhandel/loverboys. Deze zijn gebaseerd op ervaringen uit de praktijk. De kernelementen komen terug in het 'Kwaliteitskader voor jeugdhulporganisaties die gespecialiseerde opvang en hulp bieden aan meisjesslachtoffers van loverboys/mensenhandel'.

Eén van de aanbevelingen van de stuurgroep onder leiding van Azough (2017) gaat over het hanteren van diverse kwaliteitskaders met betrekking tot seksuele ontwikkeling en seksueel grensoverschrijdend gedrag. Zij beveelt aan dat zorg-, strafrecht-, onderwijsorganisaties, brancheverenigingen en kennisinstituten de elementen uit het Basispakket preventie seksueel grensoverschrijdend gedrag en bevorderen gezonde seksuele ontwikkeling (VOBC), kwaliteitskader Voorkomen seksueel misbruik (cie. Rouvoet) en het kwaliteitskader Aanpak voorkomen loverboyslachtoffers (cie. Azough) hanteren.

Praten over seks en nare seksuele ervaringen

Praten met jongeren over seks en over nare seksuele ervaringen is niet gemakkelijk maar zeer belangrijk: meegemaakt seksueel misbruik en een onbehandelde posttraumatische stressklachten (waaronder PTSS) houden de problematiek immers in stand. Het is belangrijk om aan jongeren te vragen of ze iets naars hebben meegemaakt (online en offline). Lees hier meer over in de Handreiking 'Hoe was jouw dag op internet?'.

Jeugdzorg Nederland heeft met de Vereniging Hogescholen (voorheen HBO-raad) afgesproken om voor de Jeugdzorgwerker een specifieke themacompetentie 'seksuele ontwikkeling' te ontwikkelen. Het waarborgen van een gezonde seksuele ontwikkeling, het kunnen signaleren van een afwijkende seksuele ontwikkeling en het handelen bij seksueel risicogedrag en misbruik staat centraal in de themacompetentie. Deze themacompetentie krijgt zijn plaats in het competentieprofiel Jeugdzorgwerker en in het uitstroomprofiel Jeugdzorgwerker dat het Hoger Sociaal Agogisch Onderwijs (HSAO) hanteert.

Traumabehandeling

Voor het behandelen van PTSS is een effectief bewezen therapie nodig die specifiek gericht is op de traumaklachten. EMDR en cognitieve gedragstherapie zijn momenteel de best onderzochte en meest effectieve behandelvormen. De behandeling zorgt ervoor dat de stressklachten afnemen en verkleint de kans dat de jongere op een later moment opnieuw slachtoffer wordt.

Specifieke op trauma gerichte cognitief-gedragstherapeutische methoden zijn TF-CBT, WRITE Junior en de Horizonmethodiek. Behandeling levert het beste resultaat op wanneer de thuis-/ woonsituatie veilig en stabiel is. Wanneer dat niet het geval is, kiezen behandelaren soms eerst voor een fasegerichte therapie, voordat de concrete traumaklachten behandeld worden.

Meer informatie over de behandeling van:

Diagnostiek en behandeling bij slachtoffers met een LVB

Jongeren met een licht verstandelijke beperking (LVB) lopen minimaal vier keer meer kans op het meemaken van seksueel geweld dan anderen. Ook maken zij meer ernstige en herhalende vormen van seksueel misbruik mee. Bovendien lopen zij, onder andere door toedoen van beperkte cognitieve en adaptieve vaardigheden, een verhoogde kans op het ontwikkelen van een PTSS na een potentieel traumatische gebeurtenis. In de praktijk zien we dat jongeren met een LVB en vroegkinderlijke traumatische ervaringen en (onbehandeld) seksueel trauma een aanzienlijke kans lopen om (meermaals of chronisch) in de greep van een mensenhandelaar te komen.

In je (diagnostische) gesprekken met jongeren met een LVB helpt het om zo concreet mogelijk te zijn.

Ga na of jongeren met een nare seksuele ervaring daar last van hebben, bijvoorbeeld in de vorm van herbelevingen of moeite met slapen. Er zijn verschillende screeningsinstrumenten voor PTSS beschikbaar, waaronder screeningsinstrumenten die geschikt zijn voor jongeren met een LVB.

Gebruik bij voorkeur diagnostisch materiaal dat geschikt is voor jongeren met een licht verstandelijke beperking. Raadpleeg de Richtlijn Diagnostisch Onderzoek LVB voor het doen van goed diagnostisch onderzoek bij mensen met een LVB. In deze richtlijn staan ook aanbevelingen voor de afname van diagnostische instrumenten die niet speciaal ontwikkeld en gevalideerd zijn voor mensen met een LVB.

Jongeren, ook jongeren met een LVB, kunnen profiteren van een traumabehandeling zoals EMDR. De behandeling dient afgestemd te worden op de aanwezige LVB. Raadpleeg de Richtlijn Effectieve Interventies LVB voor het uitvoeren van interventies voor jeugdigen met een LVB. De hierin gepresenteerde aanbevelingen dragen bij aan een zo positief mogelijk behandelresultaat.

Kijk op de website van het Nederlands Jeugdinstituut voor aandachtspunten bij melden met betrekking tot nazorg.

Terug naar boven
Bij afsluiting van de behandeling, moet tijdig nazorg dan wel een vervolgaanbod worden ingezet en voorbereid. In deze doorlopende lijn van behandeling en vervolgsituatie is veel aandacht nodig voor warme overdracht en terug geleiding naar de nieuwe woonsituatie. Kijk op de website van het Nederlands Jeugdinstituut voor aandachtspunten voor gemeenten en wijkteams met betrekking tot nazorg.
Terug naar boven

Op deze pagina

Reageren

Reageren

Kunnen we deze tekst verbeteren, of vond u niet precies wat u zocht? Laat het ons weten.

Het Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie maakt gebruik van cookies voor analyse van het gebruik van deze website en om de website optimaal te laten werken. Uw bezoek blijft daarbij anoniem. Voor meer informatie, zie onze privacyverklaring

The cookie settings on this website are set to "allow cookies" to give you the best browsing experience possible. If you continue to use this website without changing your cookie settings or you click "Accept" below then you are consenting to this.

Close