Samen werken, voor een psychisch gezonde jeugd

Zoeken
Generic filters
Exact matches only
Filter by Custom Post Type

Meestgezocht: ADHDAutismeBijwerkingenSertralineVluchtelingenkinderen

Crisisdienst Jeugd Noord-Holland-Noord

jongen-jeugd-ggz

De Crisisdienst Jeugd Noord-Holland-Noord richt zich op kinderen en jeugdigen met een psychische, sociale of verstandelijke kwetsbaarheid die in crisis zijn en waarbij direct deskundige hulp of zorg nodig is. De Crisisdienst is ook bereikbaar voor professionals voor collegiaal overleg, advies en consultatie.

De werkwijze van de Crisisdienst werkt prettig voor de cliënt. Doordat er één crisisteam is, hebben de medewerkers van de Crisisdienst een goed beeld van de sociale kaart. Er is bijvoorbeeld zicht op waar bedden beschikbaar zijn of waar plek is voor Ambulante Spoedhulp (ASH). Er is één centraal punt waar alles samen komt. De medewerkers van de Crisisdienst komen uit de zorg en zijn erg kindgericht. Ze zijn creatief met oplossingen, raken niet in de stress en zijn niet bang.

Daarnaast werkt het team nauw met elkaar samen. De medewerkers hebben verschillende expertises en komen uit verschillende organisaties. Ze leren van elkaar en verbreden hun kennis, ook over vakken waar ze minder in thuis zijn.

Terug naar boven

De Crisisdienst is een samenwerkingsverband tussen De Jeugd- en Gezinsbeschermers, Jeugd- en Opvoedhulp en ggz Noord-Holland-Noord. Tevens is een organisatie voor jongeren met een Licht Verstandelijke Beperking en verslavingszorg betrokken. De Crisisdienst bestaat uit 10 medewerkers die 24/7 bereikbaar en beschikbaar zijn en die verantwoordelijk zijn voor de Crisisdienst van 18 gemeenten in Noord-Holland-Noord.

Terug naar boven

Op wie is het gericht?

De Crisisdienst richt zich op gezinnen met kinderen en jongeren van 0 t/m 17 jaar uit 18 gemeenten in Noord-Holland-Noord (Van Texel tot en met Uitgeest) die in crisis verkeren. Ook hulpverleners/professionals en burgers kunnen bij de Crisisdienst terecht voor consultatie en advies. Jongeren vanaf 18 jaar kunnen terecht bij hun eigen behandelaar, huisarts of de politie. Momenteel is er voor de leeftijdsgroep vanaf 18 jaar nog geen integraal telefoonnummer. Er is een wens om in eerste instantie uit te breiden naar 23 jaar, om vervolgens de stap te maken naar een crisisdienst van -0 jaar (ongeboren baby’s) tot 100+ jaar.

Welk doel wordt gesteld?

Het doel van de Crisisdienst is om de crisissituatie zo snel en goed mogelijk te stabiliseren. Er is één telefoonnummer waar cliënten, professionals en burgers 24/7 terecht kunnen, waardoor het minder tijd kost om bij het juiste meldpunt te komen. Hierdoor kan de juiste hulp directer ingezet worden. Tevens worden de expertises samengebracht zodat de hulp op elkaar aangesloten kan worden.

Aanpak

Wanneer er een telefoontje binnenkomt bij de Crisisdienst, wordt er eerst gevraagd naar woonplaats en leeftijd. Daarna vindt er triage plaats aan de telefoon. Er wordt doorgevraagd en bekeken of er een advies gegeven moet worden of een telefonische interventie. Soms kunnen de medewerkers van de Crisisdienst het telefonisch af door de juiste vragen te stellen en iemand op weg te helpen of kan de situatie wachten tot de behandelaar de volgende dag er weer is. Soms beslissen medewerkers om op locatie te gaan om zelf een inschatting te maken wat nodig is.

Er gaan altijd twee medewerkers naar het gezin toe. Daarna wordt de zaak overgedragen naar het wijkteam of eigen behandelaar of er wordt doorverwezen voor (crisis)behandeling. De Crisisdienst is een erkende verwijzer, zij mogen doorverwijzen naar crisisbehandeling. De crisisbehandeling hoeft niet plaats te vinden bij de verbonden organisaties (JGB, Jeugd- en Opvoedhulp, ggz). Afhankelijk van wat nodig is, wordt passende hulp ingeschakeld.

Ook komen er bij de Crisisdienst vooraanmeldingen binnen. Als een behandelaar de situatie bij een cliënt niet vertrouwt in de avond/nacht, kan de behandelaar de Crisisdienst inschakelen. Zo is de Crisisdienst al op de hoogte van de situatie van de cliënt. Wanneer er een crisis is geweest, voeren de medewerkers dat in het systeem in. De rapportages worden doorgestuurd naar de behandelaar of het gemeentelijke wijkteam. Behandelaars en wijkteams weten de Crisisdienst goed te bereiken.

Doordat de Crisisdienst 24/7 bereikbaar moeten zijn, doen medewerkers naast het crisiswerk geen ander werk. Zij zitten overdag op één locatie, ’s avonds en ’s nachts voeren zij de bereikbaarheidsdienst uit vanuit huis. De medewerkers van de drie organisaties nemen verschillende expertises mee. Zij zijn in dienst van hun moederorganisatie.

Monitoring/evaluatie

De Crisisdienst ontvangt ongeveer 4 à 5 meldingen per dag waar wat mee moet gebeuren. Hoeveel tijd een medewerker bezig is met een crisis, verschilt per crisis. Ongeveer 10 tot 12% van de gevallen belt de cliënt (jongeren of ouders) zelf. Het overgrote deel wordt de Crisisdienst gebeld door professionals en huisartsen, zij vragen advies of vragen om mee te denken.

Looptijd en ervaringen

De Crisisdienst is ontstaan vanuit de wens van verschillende zorgaanbieders; de LVB sector, de verslavingszorg, de jeugd- en opvoedhulp, De Jeugd- en Gezinsbeschermers, Veilig Thuis en de jeugd-ggz. Deze grote groep zorgaanbieders heeft de handen ineen geslagen om te bekijken in hoeverre zij gezamenlijk een crisisdienst kunnen starten. Hierna zijn de gemeenten ook aangesloten.

De wens was om één toegang en één telefoonnummer te kunnen bieden voor integrale crisissen, waarbij gebruik gemaakt kan worden van verschillende expertises. De Crisisdienst is een consortium geworden van drie partijen, namelijk De Jeugd- en Gezinsbeschermers, de jeugd- en opvoedhulp en de jeugd-ggz. De drie partijen hebben een aanbesteding gedaan bij de gemeente. De wens was om Brijder Verslavingszorg, de LVB sector en Veilig Thuis te betrekken. Dit is uiteindelijk niet gelukt, waardoor zij niet bij het consortium zijn aangesloten.

Veilig Thuis heeft wel gevraagd of de Crisisdienst de uitruk/op locatie gaan voor hen willen doen in de avonden en weekenden. Eind december 2017 is de aanbesteding afgegeven, per 1 juli 2018 is de Crisisdienst gestart. De gunning is afgegeven voor drie jaar.

Het is gebleken dat de afweging aan de telefoon om wel of niet naar het gezin toe te gaan lastig is, daar is veel discussie over. Dat is onderdeel van het werk en daar is geen goed of fout in. De medewerkers gaan er eerder wel naartoe, dan niet.

Terug naar boven

Passend en samenhangend

Bij de Crisisdienst wordt gewerkt met het principe zo licht mogelijk, maar ook direct zo intensief waar nodig. Er wordt aan de telefoon al bekeken of netwerk van het gezin iets kan betekenen voor hen, bijvoorbeeld een oma, buurvrouw of tante. Daar waar nodig kan er ook meteen bekeken worden of, indien noodzakelijk er een bed voor een cliënt nodig is.

De medewerkers van de Crisisdienst zijn ook gemachtigd om gesloten te plaatsen. Hiervoor moeten zij eerst contact opnemen met de gedragsdeskundige van De Jeugd- en Gezinsbeschermers en met de Raad voor de Kinderbescherming. Vanuit de drie organisaties die aangesloten zijn bij het consortium werken medewerkers met verschillende expertises.

Ontwikkelingsgericht

De medewerkers van de Crisisdienst streven ernaar ontwikkelingsgericht te werken door een goede crisisinschatting te maken, waardoor ze meteen goede crisiszorg in kunnen zetten. Ook op een andere manier streeft de Crisisdienst ernaar ontwikkelingsgericht te werken, doordat zij de wens hebben om de Crisisdienst uit te breiden naar 23 jaar en uiteindelijk naar 100 jaar, waarbij niet alleen het kind meegenomen wordt maar ook het gezin.

De Crisisdienst werkt veel samen met de Spoedeisende Psychiatrische Hulp voor volwassenen (SEPH). Zij bellen de Crisisdienst als zij bijvoorbeeld een psychotische vader of moeder treffen, waarbij een kind aanwezig is. Dan vragen zij of een medewerker van de Crisisdienst mee wil gaan op locatie. De Crisisdienst werkt hierdoor ook preventief.

Toekomstgericht

Toekomstgericht werken bij de Crisisdienst betekent dat medewerkers er voor zorgen dat cliënten in de toekomst de juiste hulp ontvangen. Er wordt systeemgericht gewerkt. Wanneer er in een gezin problemen bij kind of volwassenen worden geconstateerd, kan dit integraal worden aangepakt.

Onderwijs

Er zijn docenten die bellen als zij zich zorgen maken over een kind bijvoorbeeld. De medewerkers van de Crisisdienst hebben niet specifiek heel nauw contact met onderwijsinstellingen.

Meervoudige problematiek

Er is vrijwel altijd sprake van meervoudige problematiek in het geval van crisissen. Die crisissen moeten dan ook van verschillende kanten bekeken en benaderd worden. Voorbeelden van crisissituaties zijn: een kind dat zich snijdt, zich suïcidaal uitlaat of wegloopt bij de ouders. Situaties waarbij de ouders niet meer weten wat zij moeten doen.

Problemen van ouders

Er spelen regelmatig problemen van ouders. Ouders zijn vaak handelingsverlegen en hebben hulp nodig. Bij de Crisisdienst is een systeemtherapeut in dienst. De systeemtherapeut kijkt heel systemisch. Het begint vaak al met goede gespreksvoering, waardoor de situatie regelmatig de-escaleert.

Onderliggende problematiek

Bij cliënten die te maken krijgen met de Crisisdienst is er regelmatig sprake van onderliggende problematiek. De medewerkers van de Crisisdienst behandelen de problemen niet zelf, maar verwijzen de cliënt door naar passende hulpverlening.

Veiligheid

Er worden veiligheidsafspraken gemaakt. De medewerkers van de Crisisdienst gaan altijd met zijn tweeën op pad. Bij twijfel, of wanneer de medewerkers denken in gevaar te komen, wordt de politie ingeschakeld. Er is een nauwe samenwerking met de politie. De medewerkers voelen zich veilig genoeg om dit werk uit te kunnen voeren.

Ervaringskennis

Voor waar de Crisisdienst nu staat, is het te vroeg om een ervaringsdeskundige in het team te hebben. Een eerste, mogelijke stap is om een ervaringsdeskundige uit te nodigen tijdens een overleg met medewerkers.

Terug naar boven

Inhoudelijke componenten

Bij de Crisisdienst worden duidelijk afspraken gemaakt over wie het aanspreekpunt is. Het hele project is erop gericht dat er één aanspreekpunt en één telefoonnummer is waar ouders, jongeren en professionals terecht kunnen.

De medewerkers van de Crisisdienst proberen de regie bij de ouders te leggen en ouders in hun kracht te laten, omdat medewerkers niet willen dat het kind afhankelijk wordt van zorg. De crisis wordt gebruikt om verandering te laten plaatsvinden binnen het gezin. Soms kan het verhelderend zijn, omdat medewerkers van buitenaf in het gezin komen kijken.

De medewerkers van de Crisisdienst en het gezin proberen gezamenlijk tot een oplossing te komen. De oplossing moet werkbaar zijn voor alle betrokkenen. Het heeft geen zin als de medewerkers iets bedenken en het gezin er niet in wordt betrokken.

De crisissen die binnenkomen, kunnen gericht zijn op alle leefgebieden, zoals bijvoorbeeld school of de opvoedsituatie.

Kwaliteit van uitvoering

De medewerkers van de Crisisdienst erkennen het belang van verschillende specialismen en krijgen steeds meer inzicht in hoe zij moeten doorverwijzen naar de juiste organisatie met het juiste specialisme. Bijvoorbeeld wanneer een kind autisme heeft, wil dat niet zeggen dat autisme het probleem is. Er is een probleem en het kind heeft autisme. Vaak is het zo dat het kind in een gezin waar crisis is een psychiatrische diagnose heeft, maar dat wil niet zeggen dat de psychiatrische diagnose de crisis is. Het is fijn dat er medewerkers zijn van verschillende organisaties die elkaar daarbij kunnen ondersteunen en helpen.

Medewerkers zijn open in hun mogelijkheden en de onmogelijkheden. Veiligheid en rust brengen in de crisis staat voorop. Medewerkers maken duidelijk dat zij er alleen zijn voor de crisis op dat moment en dragen het zo nodig over naar een (crisis)behandeling.

Het team is kortdurend betrokken bij jongeren en het gezin, maar in die tijd zoekt het team aansluiting in het contact met jongeren en het gezin. Het is daarbij belangrijk dat er een klik is.

De medewerkers van de Crisisdienst zijn inventief. Zij denken out of the box, zodat zij kunnen doen wat het kind helpt in een crisissituatie. Dat is bijvoorbeeld een opvang regelen voor ouder(s) en kind samen, zodat zij niet worden gescheiden.

De medewerkers kunnen omgaan met ethische dilemma’s en daarin afwegingen maken. Een ethisch dilemma is bijvoorbeeld het scheiden van ouders en kinderen in een crisissituatie omdat er op dat moment geen plek voor hen samen is. Suïcidaliteit van cliënten waar medewerkers van de Crisisdienst mee te maken krijgen, is ook een ethische kwestie.

De medewerkers kunnen traumasensitief werken. Dit is essentieel, er kan veel trauma gerelateerde problematiek voorkomen bij cliënten. Bijvoorbeeld in het geval van geweld in een gezin of bij een individu of suïcidale uitingen of zelfverminking.

Binnen het team bestaat een gedeelde urgentie en onderlinge afhankelijkheid, zij moeten het werk echt samen doen. Zij maken zelf het rooster waarbij de Crisisdienst 24/7 bereikbaar moet zijn.

Om de week is er casuïstiekbespreking met het gehele team en hebben alle medewerkers van de Crisisdienst supervisie, waar ook aandacht is voor de heftige problematiek die werkers mogelijk tegen komen. Daarnaast krijgen de medewerkers verschillende trainingen aangeboden, zoals suïcidepreventie training en een training over psychopathologie.

Organisatorische randvoorwaarden

Elke maand is er een overleg met de stuurgroep. De stuurgroep bestaat uit de bestuurders van de drie moederorganisaties. Twee keer per jaar hebben zij een overleg met het gehele team om het project te bespreken en elkaar op de hoogte te houden. Alle bestuurders van de organisaties staan achter de Crisisdienst en de samenwerking tussen hen verloopt goed.

De regie en coördinatie van integrale specialistische jeugdhulp op verschillende niveaus hangt nauw met elkaar samen. Het team werkt met verschillende gemeenten en zorgaanbieders samen.

De organisaties en het team maken duidelijke afspraken over de eindverantwoordelijkheid. Als de crisis is gestabiliseerd, wordt deze zo nodig overgedragen aan een zorgaanbieder of het wijkteam van de gemeente.

De organisatie en het team zorgen voor een eenheid van taal, ze gebruiken bijvoorbeeld dezelfde definitie van de doelgroep. Dit betekent dat er veel uitwisseling is tussen de medewerkers van verschillende organisaties met verschillende expertises. Doordat er veel uitwisseling is, leren ze elkaars taal te spreken.

Terug naar boven

In een korte tijd is er met het gehele team al veel bereikt, zonder dat dat gepaard gaat met veel problemen. Het team is bereid om van elkaar te leren. Afhankelijk van de moederorganisatie leren medewerkers over het werkgebied van de andere organisaties.

Terug naar boven

De medewerkers van de Crisisdienst doen alleen crisiswerk, dit is in een bepaalde mate ook beperkend. Soms is het prettig om langer contact te hebben met jongeren en/of het gezin, om te weten wat het effect is van wat je hebt gedaan.

Er zijn nog steeds wachtlijsten en dat maakt het lastig om door te verwijzen.

Van de 18 gemeenten hebben een aantal gemeenten gezegd dat zij overdag hun eigen crisissen doen en een aantal gemeenten beleggen dat bij de Crisisdienst Jeugd NHN. De medewerkers van de Crisisdienst Jeugd NHN moeten, als zij overdag gebeld worden, eerst vragen uit welke gemeente de cliënt komt. Als die gemeente de crisisdienst overdag zelf doet, moet het wijkteam van de desbetreffende gemeente op de hoogte gebracht worden zodat zij de crisis kunnen oppakken.

Niet elke gemeente heeft dezelfde jeugdhulp ingekocht. Bijvoorbeeld een LVB bed, is wel ingekocht bij de ene gemeente maar niet bij de andere gemeente. Het kan bijvoorbeeld voorkomen dat er geen bedden vrij zijn in de gemeente waar de cliënt woont, waardoor de cliënt uitgeweken moet worden naar andere instellingen. Het kan zijn dat de gemeente die hulp niet heeft ingekocht of de zorginstellingen de zorg niet heeft gecontracteerd bij de gemeente omdat het niet kostendekkend was. Het is een puzzel en dat maakt het ingewikkeld.

Tevens loopt de Crisisdienst tegen praktische zaken aan, zoals ICT-problemen. Drie organisaties vormen een consortium en alle drie hebben hun eigen systemen. Achteraf gezien had het project moeten starten vanuit één moederorganisatie die voorzag in alle ICT-systemen. Er is een cliëntregistratiesysteem die onafhankelijk is van de drie organisaties.

Verschillende disciplines spreken een andere taal. Als bijvoorbeeld een huisarts belt, wil hij een beoordeling. Een beoordeling van een cliënt is meestal een suïcidebeoordeling en dat mag officieel alleen een psychiater doen. De medewerkers moeten een inschatting maken of een beoordeling nodig is. Het heeft een tijd geduurd voordat de medewerkers van de Crisisdienst die taal konden spreken.

Terug naar boven

Neem dan contact op met Coby Witte via c.witte@ggz-nhn.nl of 06-40720104.

Terug naar boven

Het Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie maakt gebruik van cookies voor analyse van het gebruik van deze website en om de website optimaal te laten werken. Uw bezoek blijft daarbij anoniem. Voor meer informatie, zie onze privacyverklaring

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten