Samen werken, voor een psychisch gezonde jeugd

Zoeken
Generic filters
Exact matches only
Filter by Custom Post Type

Meestgezocht: ADHDAutismeBijwerkingenSertralineVluchtelingenkinderen

Behandelmethoden

Dyslexie

Het doel van een dyslexiebehandeling is een kind met dyslexie een voldoende niveau van technisch lezen en spellen bereikt evenals een passend niveau van zelfredzaamheid (NRD, 2013). Voldoende betekent in dit geval passend bij de leeftijd en het schoolniveau van het kind.

Het protocol ‘Dyslexie: Diagnostiek en Behandeling’ (NRD, 2013) spreekt van een aantal best practice componenten van een dyslexiebehandeling. Een best practice behandeling gaat uit van een specifiek probleem met technisch lezen of spellen van woorden en van een specifiek taalverwerkingsprobleem, veelal fonologisch van aard. De behandeling richt zich op lezen en spellen afzonderlijk en geïntegreerd en op gekoppelde verwerking van spraakklanken en letters of woorden. De behandeling gebruikt specialistische leestraining in de vorm van tijd-gecontroleerde visuele woordherkenning en bestaat uit inhoudelijke modules, die planmatig en systematisch zijn opgebouwd. Bovenstaande geldt in principe voor iedereen, met aandacht voor individuele kenmerken. Tot slot is de behandeling geïmplementeerd in een programma dat vrijwel altijd computerondersteund zal worden aangeboden.

Onder de inhoudelijke onderdelen van een best practice dyslexiebehandeling vallen:
  • Spraakklankvaardigheden en klank-tekenkoppelingen
  • Een algoritme voor het aanleren van spellingsregels op grond van fonologische en morfologische woordkenmerken en regels
  • Specialistische leestraining: kortdurende visuele letter/woord presentaties, waarbij aandacht voor systematisch opgebouwde herhaling en koppeling geschreven en gesproken woordvormen
  • Integratieonderdelen: protocol waarin verantwoord wordt hoe deze inhouden zijn verwerkt in modules en hoe modules zich verhouden ten opzichte van elkaar.
De methodische principes van een best practice dyslexiebehandeling zijn:
  • Accuraatheid én tempo
  • Schrifttaaloefeningen gekoppeld met gesproken taal (zoals hardop lezen, audio-feedback)
  • Basis is klankstructuur woorden en niet het alfabetisch principe
  • De leerstrategie is expliciet
  • Transfer in plaats van woordleren
De opbouw van de behandeling wordt als volgt geadviseerd:
  • De behandeling start met psycho-educatie voor kind en ouder of verzorger;
  • De behandeling bestaat uit inhoudelijk gestructureerde modules;
  • De aanbieding van de modules is in principe volgens protocol met aandacht voor de individuele kenmerken van het kind;
  • De overgang naar een volgend niveau start bij de beheersing van de voorgaande module;
  • De systematisch opgebouwde inhoud en het expliciete leerparadigma veronderstellen een vergelijkbaar verloop van de behandeling, waarbij aandacht is voor individuele kenmerken.
Tot slot dient de behandeling als volgt vormgegeven te worden:
  • De behandeling heeft een expliciet begin- en eindpunt;
  • Alle leerdoelen zijn per module voor de behandelaar duidelijk omschreven;
  • Een behandelsessie bestaat altijd uit een combinatie van schriftelijke en mondelinge interactie, en is computerondersteund;
  • Naast wekelijkse behandelsessies met een gespecialiseerde behandelaar, doet het kind regelmatig oefeningen onder begeleiding van een oefenpartner of ouder;
  • Het programma voorziet in oefenmateriaal waarmee het kind onder begeleiding van een oefenpartner dagelijks kan oefenen.

> Lees meer over bovenstaande principes in het protocol Dyslexie: Diagnose en Behandeling

 

Dyscalculie

Stagnaties in het rekenproces worden in eerste instantie vaak opgelost door de leerkracht met behulp van adaptieve instructies en differentiatie. Bij ernstige rekenproblemen is echter meer nodig, zoals remedial teaching (RT). Het kan dan gaan om individuele RT of kleine groeps-RT. Daaraan voorafgaand dient in het rekenonderwijs door de leerkracht adequaat gewerkt te zijn tenminste op niveau 2 volgens het protocol ERWD (Van Groenestijn e.a., 2011).

De doelen van de behandeling zijn in ieder geval gericht op het rekenen maar veelal ook op affectieve en motivationele aspecten. Daarnaast kan het leren omgaan met de gevolgen van de rekenproblemen en de eisen die de omgeving stelt, bijvoorbeeld zelfredzaamheid, een plaats krijgen in de behandeling.

Werkzame instructieprincipes (overgenomen uit Van Luit e.a., 2016):
  • Individuele, taakgerichte en directe instructie sluit het beste aan bij leerlingen met ernstige rekenproblemen of dyscalculie, met name wanneer het gaat om het aanleren van de basisrekenvaardigheden.
  • Bij directe instructie worden procedures gedemonstreerd en regels uitgelegd. Expliciete uitleg en uitgebreide oefening leveren goede resultaten op. De leerstappen bij de instructie dienen klein te zijn en er is meer structuur en herhaling nodig dan bij leerlingen zonder rekenproblemen.
  • Door bijvoorbeeld het aanleren van 1 oplossingsstrategie ontstaat er meer structuur in de instructie (Ruijssenaars, Van Luit, & Van Lieshout, Rekenproblemen en dyscalculie. Theorie, onderzoek, diagnostiek en behandeling, 2006). Meer structuur kan ook ontstaan door het opdelen in sub-taken.
  • Daarnaast levert het principe van zelfinstructie (van voordoen door de behandelaar naar volledig zelfstandig het probleem oplossen door de leerling) goede resultaten op. De leerling leert procedures door zichzelf steeds weer een aantal relevante vragen te stellen bij het maken van een rekenopgave (Kroesbergen & Van Luit, 2003).
Waardevolle principes van beland bij de aanpak van rekenproblemen (Van Luit e.a., 2016):
  • Getalbeelden, waaronder turfstructuur en vijf vingers van 1 hand;
  • Trapsgewijze procedure, van materieel handelen komen tot mentale verwerking;
  • Empirische taakanalyse, op basis van de moeilijkheden die een leerling ervaart de volgorde van aan te bieden taken rangschikken op basis van aan- of afwezigheid van (voor)kennis (Kroesbergen & Van Luit, 2002).

Een aantal zaken die minder effectief blijken bij de behandeling van rekenproblemen zij peer-tutoring (leerlingen die goed zijn in rekenen helpen zwakke rekenaars) en speciale educatieve software in plaats van de instructie door een volwassene.

Evidence based rekenhulpprogramma’s zijn naast directe instructie een belangrijke pijler voor een effectieve behandeling. Voorbeelden hiervan zijn de hulpprogramma’s van Graviant: optellen en aftrekken tot 1000 en het programma ‘met sprongen vooruit’, een oefenprogramma in het getallengebied tot 100 (Menne, 2001).

Reageren

Kunnen we deze tekst verbeteren, of vond u niet precies wat u zocht? Laat het ons weten.

Het Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie maakt gebruik van cookies voor analyse van het gebruik van deze website en om de website optimaal te laten werken. Uw bezoek blijft daarbij anoniem. Voor meer informatie, zie onze privacyverklaring

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten