Farmacokinetische aspecten/ interacties
Clozapine wordt gemetaboliseerd door CYP1A2, dus er moet rekening gehouden worden met remmers van dit systeem (onder andere fluvoxamine).
Registratie
Bij kinderen jonger dan 16 jaar niet onderzocht.
Effectiviteit/indicaties
Clozapine is adequaat onderzocht bij psychose, en open onderzoek is verricht bij manieën. Bij volwassenen is het middel effectief bij therapieresistente psychose.
Toxiciteit (voorzorgen, absolute contra-indicaties)
Contra-indicaties bij dit middel zijn eerdere door medicatie veroorzaakte agranulocytose of granulocytopenie, myeloproliferatieve aandoeningen, psychoses ten gevolge van alcohol- of anderszins veroorzaakte intoxicatie en ongecontroleerde epilepsie. Voorafgaand aan een behandeling met clozapine wordt het witte bloedbeeld (aantal en differentiatie) bepaald. Na het begin van de behandeling dient het bloedbeeld gedurende de eerste 18 weken wekelijks te worden gecontroleerd. Nadien moet, voor de duur van de behandeling, controle van het bloedbeeld minstens éénmaal per maand worden uitgevoerd. Indien een infectie optreedt of het aantal leukocyten daalt tot onder 3500/mm3, of als het aantal neutrofiele granulocyten tussen de 1500 en 2000/mm3 bedraagt, dient de controle tweemaal per week plaats te vinden. Indien het aantal leukocyten daalt tot onder 3000/mm3 en/of indien het aantal neutrofiele granulocyten daalt tot onder 1500/mm3 moet de behandeling met clozapine terstond worden beëindigd en de patiënt regelmatig gecontroleerd worden. Indien agranulocytose (aantal leukocyten minder dan 1000/mm3, neutrofiele granulocyten minder dan 500/mm3) optreedt dient de patiënt te worden overgeplaatst naar een speciale afdeling met infectie-isolatie.
Tolerantie (bijwerkingen)
Behalve afwijkingen in het bloedbeeld: sedatie, hypersalivatie, tachycardie, gewichtstoename, verhoogde kans op convulsies en myocarditis. Kinderen en jeugdigen lijken gevoeliger te zijn voor de bijwerkingen van clozapine dan volwassenen, met name wat het bloedbeeld en convulsies betreft. Bij clozapine is, behalve bloedonderzoek, ook het maken van een EEG voor de start van de medicatie aan te raden in verband met de epileptogene bijwerking en de daarmee gerelateerde EEG veranderingen 10. Vanwege de grote kans op metabole bijwerkingen is controle hieromtrent noodzakelijk. Zie verder de tekst onder bijwerkingen algemeen bij antipsychotica.
Gebruiksaspecten
Dosering: Start met 12.5-25 mg dd. Na enkele dagen kan de dosis worden verhoogd met 25-50 mg tot een maximale dosis van 300 mg dd na veertien dagen. Bij de meeste patiënten bedraagt de effectieve antipsychotische dosering 200 tot 450 mg dd, verdeeld over meerdere doses. De totale dagdosis kan in verschillende hoeveelheden worden toegediend, waarvan het grootste deel ´s avonds. Na het bereiken van een maximaal therapeutisch effect kunnen veel patiënten effectief worden ingesteld op een lagere dosis. Voorzichtige neerwaartse titratie naar een hoeveelheid van 150 tot 300 mg dd wordt aanbevolen. Wanneer de dagelijkse dosis niet groter is dan 200 mg kan eventueel worden volstaan met een eenmalige toediening ´s avonds.
Polyfarmacie: Hier bestaat bij kinderen en jeugdigen onvoldoende ervaring mee, aangenomen kan worden dat eenzelfde handelswijze als bij olanzapine gehanteerd moet worden.
Toepasbaarheid
Clozapine mag alleen bij therapieresistente psychose voorgeschreven worden.




