Professionals

Mail uw kennis door!

Bijlage DSM criteria en problemen met eten bij (zeer) jonge kinderen

 

> DSM-IV criteria
> DSM-5 criteria
> Problemen met eten bij zeer jonge kinderen

DSM-IV criteria

Anorexia nervosa
Anorexia nervosa wordt gekenmerkt door (ernstig) ondergewicht en duidelijke preoccupatie met eten, lichaam en gewicht. Bij (jonge) kinderen kan dit zich uiten in een groeiachterstand, in dat geval is er echter sprake van een eetstoornis NAO.
Anorexia nervosa heeft twee subtypes, te weten: beperkend type en eetbuien-purgerend type, en wordt in de DSM-IV als volgt beschreven:

  1. Weigering het lichaamsgewicht te handhaven op of boven een voor de leeftijd en lengte minimaal normaal gewicht (bijvoorbeeld gewichtsverlies tot minder dan 85% van het te verwachten gewicht, of het in de periode van groei niet bereiken van het te verwachten gewicht, hetgeen leidt tot een lichaamsgewicht van minder dan 85% van het te verwachten gewicht).
  2. Intense angst in gewicht toe te nemen of dik te worden, terwijl er juist sprake is van ondergewicht.
  3. Stoornis in de manier waarop iemand zijn of haar lichaamsgewicht of lichaamsvorm beleeft, onevenredig grote invloed van het lichaamsgewicht of lichaamsvorm op het oordeel over zichzelf of ontkenning van de ernst van het huidige lage lichaamsgewicht.
  4. Bij meisjes na de menarche: amenorroe, dat wil zeggen de afwezigheid van ten minste drie achtereenvolgende menstruele cycli. (Een vrouw wordt geacht amenorroe te hebben als de menstruatie alleen volgt na toediening van hormonen, zoals oestrogenen.)

Subtypes

  • Beperkend type: Tijdens de huidige episode van anorexia nervosa is betrokkene niet geregeld bezig met eetbuien of purgerende maatregelen (dat wil zeggen zelf opgewekt braken of het misbruik van laxantia, diuretica of klysma’s).
  • Eetbuien-purgerend type: Tijdens de huidige episode van anorexia nervosa is betrokkene geregeld bezig met eetbuien of purgerende maatregelen (dat wil zeggen zelf opgewekt braken of het misbruik van laxantia, diuretica of klysma’s).

Boulimia nervosa
Boulimia nervosa wordt ook gekenmerkt door een preoccupatie met eten, lichaam en gewicht. Bij boulimia nervosa is echter geen sprake van een ondergewicht. Boulimia nervosa komt niet of nauwelijks voor bij kinderen, patiënten met boulimia nervosa zijn vaak niet jonger dan 15 jaar (Nationaal Kompas Volksgezondheid, 2007; expert opinion 2010). Boulimia nervosa heeft twee subtypes, te weten: purgerend type en niet purgerend type, en wordt in de DSM IV als volgt beschreven:

A. Herhaalde episodes van eetbuien, gekarakteriseerd door de volgende kenmerken:

  • het binnen een beperkte tijd (bijvoorbeeld twee uur) eten van een hoeveelheid voedsel die beslist groter is dan wat de meeste mensen in eenzelfde periode en onder dezelfde omstandigheden zouden eten;
  • een gevoel de beheersing over het eten tijdens deze episode kwijt te zijn (bijvoorbeeld het gevoel dat men niet kan stoppen met eten of zelf kan bepalen wat of hoeveel men eet).

B. Herhaald inadequaat compensatoir gedrag om gewichtstoename te voorkomen, zoals zelf opgewekt braken, misbruik van laxantia, diuretica of andere geneesmiddelen, vasten of overmatige lichaamsbeweging.
C. De eetbuien en de inadequate compensatoire gedragingen komen beide gemiddeld ten minste tweemaal per week gedurende drie maanden voor.
D. Het oordeel over zichzelf wordt in onevenredige mate beïnvloed door de lichaamsvormen en het gewicht.
E. De stoornis komt niet uitsluitend voor tijdens episodes van anorexia nervosa.

Subtypes:

  • Purgerend type: De huidige episode wordt vooral gekenmerkt door zelf opgewekt braken of het misbruik van laxantia of diuretica.
  • Niet-purgend type: De huidige episode gaat gepaard met andere compensatoire gedragingen zoals vasten of overmatige lichaamsbeweging, maar wordt niet gekenmerkt door geregeld zelf opgewekt braken of misbruik van laxantia of diuretica.

Eetstoornis Niet Anderszins Omschreven
Een Eetstoornis Niet Anderszins omschreven (hierna te noemen eetstoornis NAO) is een eetstoornis die niet voldoet aan de criteria van en enige specifieke eetstoornis. Voorbeelden hiervan zijn (Nationale Academie voor Eetstoornissen, NAE):

  • Bij vrouwen wordt voldaan aan alle criteria van anorexia nervosa, behalve dat betrokkene geregeld menstrueert.
  • Aan alle criteria van anorexia nervosa wordt voldaan, behalve dat, ondanks significant gewichtsverlies, het huidige lichaamsgewicht van betrokkene binnen de normale grenzen licht.
  • Aan alle criteria van boulimia nervosa wordt voldaan, behalve dat de vreetbuien en de inadequate compensatiemechanismen voorkomen in een frequentie van minder dan tweemaal per week of met een duur korter dan drie maanden.
  • Het geregeld tonen van inadequate compensatoire gedragingen na het eten van kleine hoeveelheden voedsel bij iemand met een normaal lichaamsgewicht (bijvoorbeeld zelfopgewekt braken na het eten van twee koekjes).
  • Herhaald kauwen op en uitspugen van, maar niet doorslikken van grote hoeveelheden voedsel.
  • Eetbuistoornis.

Naar boven

DSM-5 criteria

Voorstel tot diagnostische criteria voor anorexia nervosa

  1. Beperking van de energie-inname leidt tot een aanzienlijk laag lichaamsgewicht. Aanzienlijk laag gewicht is gedefinieerd als een gewicht dat lager is dan minimaal normaal, of, voor kinderen en adolescenten, minder dan dat minimaal verwacht voor leeftijd en lengte.
  2. Intense angst in gewicht toe te nemen of dik te worden of aanhoudend gedrag om gewichtstoename te vermijden, zelfs bij een aanzienlijk laag gewicht.
  3. Stoornis in de manier waarop men het lichaamsgewicht of lichaamsvorm ervaart, onevenredige invloed van het lichaamsgewicht of lichaamsvorm op zelfwaardering, of aanhoudend gebrek aan erkenning van de ernst van de huidige lage lichaamsgewicht.

Geef huidige type:
Beperking type: Tijdens de afgelopen drie maanden, heeft de persoon zich niet beziggehouden met terugkerende episodes van eetbuien of purgerende gedrag (dat wil zeggen, zelf opgwekt braken of het misbruik van laxantia, diuretica of klysma's)
Binge-Eating/Purging type: Tijdens de afgelopen drie maanden, heeft de persoon zich beziggehouden met terugkerende episodes van eetbuien of purgerende gedrag (dat wil zeggen, zelf opgewekt braken of het misbruik van laxantia, diuretica of klysma's).

Voorstel tot diagnostische criteria voor boulimia nervosa

  1. Recidiverende episodes van eetbuien. Een episode van binge eating (eetbuien) wordt gekenmerkt door het volgende:
  2. Eten; in een korte tijd (bijvoorbeeld binnen een periode van 2 uur) een hoeveelheid voedsel eten die beslist groter is dan de meeste mensen zouden eten in een vergelijkbare periode onder soortgelijke omstandigheden
  3. Een gevoel van controleverlies over het eten tijdens de episode (bijvoorbeeld, een gevoel dat men niet kan stoppen met eten of kan bepalen wat of hoeveel men eet).
    1. Recidiverend inadequaat compensatoir gedrag om gewichtstoename te voorkomen, zoals het zelf opwekken van braken, misbruik van laxantia, diuretica of andere medicijnen, vasten of overmatige lichaamsbeweging.
    2. De vreetbuien en de inadequate compensatoire gedragingen treden bij gemiddeld ten minste eenmaal per week gedurende 3 maanden op.
    3. Zelfwaardering is ten onrechte beïnvloed door de lichaamsvorm en gewicht.
    4. De stoornis komt niet uitsluitend voor tijdens episodes van anorexia nervosa.

Voorstel tot diagnostische criteria voor eetbuienstoornis (Binge Eating Disorder)

  1. Recidiverende episodes van eetbuien. Een episode van binge eating (eetbuien) wordt gekenmerkt door het volgende:
  2. Eten; in een korte tijd (bijvoorbeeld binnen een periode van 2 uur) een hoeveelheid voedsel eten die beslist groter is dan de meeste mensen zouden eten in een vergelijkbare periode onder soortgelijke omstandigheden.
  3. Een gevoel van controleverlies over het eten tijdens de episode (bijvoorbeeld, een gevoel dat men niet kan stoppen met eten of kan bepalen wat of hoeveel men eet).
    1. De eetbuien episodes zijn geassocieerd met drie (of meer) van de volgende punten:
      1. Veel sneller eten dan normaal.
      2. Eten tot een onaangenaam vol gevoel.
      3. Het eten van grote hoeveelheden voedsel zonder een fysiek hongergevoel.
      4. Alleen eten vanwege schaamte over hoeveel men eet
      5. Gevoel van afkeer van zichzelf, depressief of erg schuldig na het overeten
    2. Eetbuien leiden tot een bedroefd gevoel.
    3. De eetbuien treden gemiddeld ten minste eenmaal per week gedurende drie maanden op.
    4. De eetbuien zijn niet geassocieerd met steeds terugkerend inadequaat compensatoir gedrag (bijv. purgeren) en treden niet uitsluitend op tijdens een episode van boulimia nervosa of anorexia nervosa.

Eetstoornis Niet Anderszins Omschreven

Het is aanbevolen dat eetbuienstoornis, beschreven in dit gedeelte van de DSM-IV, wordt erkend als een onafhankelijke stoornis in de DSM-5. Aanbevolen wijzigingen in de criteria voor anorexia nervosa, boulimia nervosa, en voor het eet- en voedingsproblemen die meestal in de kindertijd beginnen, moeten ook de noodzaak verminderen van de categorie “eetstoornis niet anderszins omschreven”.

Als deze aanbevelingen worden aanvaard, worden de voorbeelden in “eetstoornis niet anderszins omschreven” overeenkomstig gewijzigd.

De werkgroep is overweegt tevens of het nuttig kan zijn en nodig is andere eetproblemen (te omschrijven als purgeerstoornis – terugkerend purgeren in afwezigheid van eetbuien, en nachtelijk eten syndroom) te beschrijven die mogelijk van klinisch belang zijn. Mate van de ernst aangeven kan nodig zijn, deze voorwaarden kunnen worden opgenomen in een aanhangsel van de DSM-5.

Naar boven

Eetproblemen bij (zeer) jonge kinderen

De eetstoornissen anorexia nervosa, boulimia nervosa, eetbuistoornis en eetstoornis NAO die hier worden besproken zijn niet de enige veelvoorkomende problemen met eten.

Het Londense Great Ormand Street Hospital (Lask & Bryant-Waugh, 2007) heeft een aparte classificatie van eetstoornissen in de leeftijd van 7-16 jaar. Dit is de GOS-indeling en gaat vooral om eeststoornissen die voedselweigering als centraal symptoom hebben. Voor een overzicht zie tabel 1. Voor meer informatie verwijzen we u voorlopig naar de website van de Nationale Academie voor Eetstoornissen (NAE).

Anorexia nervosa

 

Boulimia nervosa

 

Selectief eten

Het betreft een heterogene groep kinderen, meestal jongens, met erg beperkte eetgewoonten in termen van het soort voedsel dat zij accepteren. De criteria voor de diagnose zijn:

  • Ten minste gedurende twee jaar beperkt gebruik van soorten voedsel;
  • Geen bereidheid om nieuwe soorten voedsel te proberen;
  • Geen abnormale cognities betreffende gewicht of lichaamsvorm;
  • Geen angst om te braken of te stikken;
  • Gewicht kan laag, normaal of hoog zijn.

Functionele dysfagie

Deze kinderen komen in het algemeen met klachten over moeite of pijn met slikken. De criteria voor de diagnose zijn:

  • Voedselvermijding;
  • Angst om te slikken, te braken of te stikken;
  • Geen abnormale cognities betreffende gewicht of lichaamsvorm;
  • Geen ziekelijke preoccupatie betreffende gewicht of lichaamsvorm;
  • Geen organisch hersenletsel of psychose.

Voedselvermijdings- en emotionele stoornis

Het vermijden van voedsel heeft bij deze kinderen een emotionele basis. Zij kunnen zich ook presenteren met groeivertraging. De criteria voor de diagnose zijn:

  • Voedselvermijding die niet primair veroorzaakt wordt door een affectieve stoornis;
  • Gewichtsverlies;
  • Stoornis in de stemming welke niet voldoet aan criteria oor een primaire stemmingsstoornis;
  • Geen abnormale cognities betreffende gewicht en lichaamsvorm;
  • Geen ziekelijke preoccupatie betreffende gewicht en lichaamsvorm;
  • Geen organisch hersenletsel of psychose.

Algemeen weigerings-syndroom

Deze kinderen komen vaak bij een centrum voor eetstoornissen vanwege hun weigering om te eten en te drinken. De criteria voor de diagnose zijn:

  • Hardnekkige weigering om te eten, drinken, lopen, praten of voor zichzelf te zorgen;
  • Vastbesloten verzet tegen pogingen tot hulp.

Tabel 1. GOS-indeling van eetstoornissen bij kinderen onder de 16 jaar

Naar boven

Mail uw kennis

Deel de informatie op deze pagina met een ander door onderstaande velden in te vullen:
Naam afzender:
E-mail afzender:
Naam ontvanger:
E-mail ontvanger: