Professionals

Mail uw kennis door!

Complicaties braken

Auteur: Rian Teeuw

Braken kan leiden tot een periorale stomatitis, gebitsafwijkingen: cariës, erosies van het glazuur, vergroting van de speekselklieren inclusief de glandulae parotes, amylase stijging in het bloed, oesofagitis, eventueel Mallory Weiss scheur, zeer zelden oesofagus- en maagruptuur en bij chronisch braken het ontstaan van een Barrett-oesofagus.

De speekselkliervergroting normaliseert na het afnemen van braken en de vreetbuien, maar dit kan enkele maanden duren. De vergroting wordt veroorzaakt door een direct effect van vreetbuien, irritatie door maagzuur, stimulatie van tongreceptoren door pancreasenzymen en de autonome disfunctie. Sommige patiënten gebruiken toxische stoffen om het braken op te wekken zoals schoonmaakmiddelen, shampoo, aspirine en paracetamol. Braken is een weinig effectief middel om gewichtsdaling te bewerkstelligen. Het meeste voedsel is de maag al gepasseerd. Door braken ontstat een metabole ontregeling met metabole alkalose en hypokaliaemie.

Bij blijvend braken of pyrosis kan het voorschrijven van protonpompremmers worden overwogen. Sommige veronderstellen ook een verminderd optreden van alkalose en hypokaliaemie bij het gebruik van protonpompremmers, bewezen is dit niet. Metoclopramide is vanwege de associatie met een verhoogd risico op ventriculaire arrhytmieën (toename QT/RR helling en QT variatie) gecontraïndiceerd. Cisapride moet worden ontraden. Een kleine trial toonde geen effect op gewichtstoename aan. Het middel wordt geassocieerd met cardiale complicaties, met name ventriculaire tachycardie, torsades de pointes en plotselinge dood.
Ondansetron liet in een kleine studie bij boulimia nervosa patiënten een vermindering van braken en binging zien. De studie is te klein en te kort om ondansetron bij boulimia nervosa aan te bevelen, over het voorschrijven bij anorexia nervosa zijn geen uitspraken mogelijk.

Meer informatie over:
Complicaties misbruik laxeermiddelen
Stoornissen in de vocht- zuurbase- en elektrolytenhuishouding

Literatuur

Eiro M (2002). Use of a proton-pump inhibitor for metabolic disturbances associated with anorexia nervosa. New England Journal of Medicine, 346: 140.

Ellidokuz E, Kaya D(2003). The effect of metoclopramide on QT dynamicity: double-blind, placebo-controlled, cross-over study in healthy male volunteers. Alimentary Pharmacology & Therapeutics,. 18: 151-155.

Faris PL (et al.)(2000). Effect of decreasing afferent vagal activity with ondansetron on symptoms of bulimia nervosa: a randomised, double-blind trial. Lancet, 355: 792-7

Fisher M (et al.)(1995). Eating disorders in adolescents: a background paper. Journal of Adolescent Health, 16: 420-437

Robb ND, Smith BGN (1996). Anorexia and bulimia nervosa (the eating disorders): conditions of interest to the dental practitioner. Journal of Dentistry, 24: 7-16

Rijn CA van (1998). Anorexia en boulimia nervosa III: somatische gevolgen van purgeren. Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, 142(33): 1867-9

Szmukler GI (et al.)(1995). A controlled trial of cisapride in anorexia nervosa. International Journal of Eating Disorders, 17: 347-57

Woodside DB (1995). A review of anorexia nervosa and bulimia nervosa. Current Problems in Pediatrics, 25: 67-89

Mail uw kennis

Deel de informatie op deze pagina met een ander door onderstaande velden in te vullen:
Naam afzender:
E-mail afzender:
Naam ontvanger:
E-mail ontvanger: