Laatst bijgewerkt: juni 2010
Meewerkende expert: Nienke Jager (centrum eetstoornissen Rintveld, Altrecht)
> Vooraf
> Algemeen
> Voedingstherapie
> Literatuur
Diëtetiek is niet de expertise van het Landelijk Kenniscentrum, doch een belangrijk onderdeel in de behandeling van eetstoornissen. De tekst vormt geen protocol maar een inzicht in de belangrijkste aandachtspunten.
Voedingsmanagement is een belangrijke pijler in de behandeling van een eetstoornis, het is daarom aan te raden een diëtist te betrekken bij de behandeling. Voedingsmanagement staat echter niet op zich, maar maakt deel uit de van de multidisciplinaire behandeling. Dit geldt voor zowel de ambulante als de klinische setting. Soms werkt een diëtist zelfstandig om de patiënt te helpen met stoppen met afvallen voor het overbruggen van een wachtlijst.
De rol van de diëtist is het verzamelen van voedingstechnische gegevens door middel van een gedegen anamnese (hierbij hoort ook zeker het meten van lengte, gewicht en lichaamssamenstelling, zie ook somatiek), het geven van voedingsinterventie en het geven van psycho-educatie. Behandeldoelen worden samen met de ouders van de patiënt en de patiënt vastgesteld en frequentie van de behandeling wordt aangepast per individu.
Bij de behandeling door diëtist is het evenals in de rest van de behandeling belangrijk dat de ouders worden betrokken en begeleid. Deze betrokkenheid geldt al vanaf de intake. De mate van betrokkenheid is echter afhankelijk van onder andere de leeftijd van het kind en de situatie. Het is voor de voedingsinterventie van belang dat duidelijk is wat ‘eetgewoontes in het gezin’ en wat de grenzen zijn met betrekking tot productkeuze. Zo kunnen de ouders goed gemotiveerd worden voor het steunen en helpen van het kind bij het normaliseren van het eetpatroon.
Anders dan bij een gewoon dieetadvies bij een somatische aandoening moet de diëtist bij jongeren met eetstoornissen directief kunnen werken. Het werken met patiënten met een eetstoornis vergt kennis van de motivatiefasen van Prochaska en Diclemente (1992) en vaardigheid in het motivational interviewing.
Hier op de website worden de belangrijkste aandachtspunten die gelden bij de diëtistische behandeling op een rijtje gezet.
In het algemeen:
- De behandeling bestaat uit voedingsinterventie en psycho-educatie;
- Duidelijke afspraken omtrent eten, beweging en begeleiding van de jongere door de ouders of verpleegkundige;
- Het doel van psycho-educatie is attitude- en gedragsverandering bewerkstelligen: het achterhalen en normaliseren van irreële cognities over voeding, gewicht en compensatiegedrag;
- Evalueer bij afronding van de behandeling de moeilijke momenten in het omgaan met eten en stabilisatie van het gewicht en maak op basis hiervan een terugvalpreventieplan. Het is raadzaam om na 3-6 maanden een follow-up afspraak te maken.
In het geval van anorexia nervosa:
- Zeker in het beginstadium is geen ruimte voor onderhandeling over gewicht en over eten met de patiënt;De gewenste gewichtstoename staat niet vast, ambulant ligt deze tussen de 0,5 en 1,0 kg, psychiatrisch klinisch ligt deze tussen de 0,5 en 1,5 kg en somatisch klinisch kan het oplopen tot 2 kg;
- Bij ernstig ondergewicht en/of een groot gewichtsverlies bij voormalig obese kinderen en/of zeer snelle gewichtsafname moet rekening gehouden worden gehouden met het risico op het optreden van het refeeding syndroom (zie ook somatiek);
- Om aan te komen zijn minimaal 2500-2600 kcal/dag nodig, om dit te bereiken kan in het uiterste geval de gewone voeding worden aangevuld met calorierijke drinkvoeding of sondevoeding. Het heeft de voorkeur in een zo kort mogelijk tijdsbestek op het gewenste aantal kcal te zitten, dit met in achtneming van het risico op het refeedingsyndroom;
- De VIE (VoedingsInterventie Eetstoornissen) heeft aanbevelingen geschreven m.b.t. het voorkomen van het optreden van het refeeding syndroom. Deze staan beschreven in de Behandelingsstandaard Anorexia Nervosa;
- Het is aan te bevelen om in de eerste lijn in eerste instantie samenwerking met huisarts te zoeken. Daarnaast kan ondersteuning van bijvoorbeeld een systeemtherapeut of in een later stadium een psychomotore therapeut gewenst zijn.
In het geval van boulimia nervosa of eetbuistoornis:
-
Eerst het compensatiegedrag stoppen voordat begonnen wordt met het reduceren van de eetbuien;
- Zelfcontrolemaatregelen om eetbuien onder controle te krijgen inzetten naast de structuur van een voedingsadvies (6-7 eetmomenten) en vermijdt in eerste instantie eetbuivoedsel;
- Eetbuivoedsel stapsgewijs introduceren als het eetpatroon genormaliseerd is;
- Zoek samenwerking met huisarts indien de patiënt braakt (regelmatig lab prikken) of hij/zij obees is en met een cognitief therapeut.
Van den Berg MM. (2009). Optimalisatie van de diëtistische behandeling van anorexiapatiënten, een onderzoek naar de diëtistische behandeling van jeugdige anorexiapatiënten binnen een gespecialiseerde instelling
Werkgroep VIE. (2005). Behandelingsstandaard Anorexia Nervosa
In de Behandelingsstandaard Anorexia Nervosa van de werkgroep VIE (2005) wordt uitgebreid ingegaan op de diëtistische behandeling van volwassenen met anorexia nervosa. Slechts een enkele keer wordt hier specifiek gefocust op kinderen. De behandelingsstandaard kan voor €35,- worden besteld via vienetwerk@hotmail.com.




